Er zijn veel redenen om naar Mars te gaan, dat hopen we elders op deze website duidelijk te maken. Maar de dingen die eigenlijk gebeuren moeten, gebeuren niet altijd vanzelf. We leven tenslotte in een markteconomie en zoals bekend heeft dat systeem zijn beperkingen. De belangen van de enkeling vallen niet per definitie samen met de behoeften van de gemeenschap. De mensen bij wie het geld zit moeten een reden hebben om het uit te geven aan de verbreding van de menselijke horizon. Dat kan een ideeel motief zijn, maar puur eigenbelang mag ook. Het belangrijkste is dat het gebeurt.

Maar hoe duur is het eigenlijk, een reis naar Mars? 450 miljard dollar, volgens het prijskaartje dat NASA in 1989 verbond met het Space Exploration Initiative van president George Bush. Het Amerikaanse Congress sprak van schrik meteen een banvloek uit over elke vorm van bemand Mars-onderzoek.

Mars Direct van Robert Zubrin was een reactie op het Bush-plan en een absoluut koopje. Door af te zien van mega-investeringen als een ruimtestation, en door de natuurlijke hulpbronnen op Mars te gebruiken, bracht Zubrin de kosten terug tot 20 a 30 miljard dollar. Enkele jaren later, toen de "cheaper, better, faster"-filosofie opkwam, wist ook NASA de kosten behoorlijk terug te schroeven; de in 1993 gepubliceerde Reference Mission, een soort business-class Mars Direct, werd begroot op 55 miljard.

Een gemiddelde van de ramingen van Zubrin en NASA komt uit op 40 miljard. Voor de zekerheid blijven we hier aan de pessimistische kant en gaan we uit van een mooi rond getal: vijftig miljard dollar. Een flinke zak met geld, maar het hoeft gelukkig niet allemaal in een keer op tafel te komen. Met voorbereiding en research heeft een project als dit toch al gauw een looptijd van tien jaar.

Hoe schrapen we vijftig miljard dollar bij elkaar in tien jaar tijd? Over die vraag is al veel nagedacht; er zijn een stuk of elf antwoorden mogelijk:

Belastinggeld

Dit is de traditionele manier waarop ruimtevaart gefinancierd wordt. Ook voor de fondsenwerving van ons Marsproject kijken we eerst naar de nationale begrotingen, met name naar die van de Verenigde Staten. Het Apollo-project kostte in de jaren zestig ongeveer twintig miljard dollar, gecorrigeerd voor inflatie ongeveer even veel als vijftig miljard nu. Daarmee werden overigens niet alleen twaalf mensen op de Maan gezet, maar er ook een half miljoen aan het werk gehouden.

Met de Amerikaanse economie ging het in de jaren negentig veel beter dan in de jaren zestig, onder andere omdat de generatie die opgroeide in de gouden jaren van de ruimtevaart de gangmaker werd van de digitale revolutie. Waarom is er dan nog steeds geen Amerikaans Humans to Mars-programma?

Uiteraard speelt het eind van de Koude Oorlog een rol. Het is een open deur om te zeggen dat Amerika in de jaren zestig vooral naar de Maan ging om de Russen voor te zijn. En nu de kans dat de Russen, of de Chinezen, binnen een paar jaar op Mars zijn nihil is, lopen de Amerikanen ook niet zo hard.

Toch klopt er iets niet. Is het wegvallen van de Russische dreiging niet even goed een voordeel? Een deel van het defensiebudget kan toch besteed worden aan ruimtevaart? En misschien kunnen de Russen, en niet te vergeten Europa en Japan, zelfs meedoen?

Vreemd genoeg is de ineenstorting van het Rijk van het Kwaad voor de Amerikaanse overheid vooralsnog geen reden om de defensieuitgaven terug te brengen, of zelfs maar te stabiliseren. Voor het jaar 2001 is de defensiebegroting opnieuw opgeschroefd tot 305 miljard dollar. Even hoofdrekenen: als Amerika zich twee maanden lang niet verdedigt is een Marsvlucht binnen bereik…

Samenwerking tussen Amerika, Rusland, Europa en Japan is niet zonder precedent: sinds de zomer van 2000 trekt het International Space Station zijn baantjes aan de hemel. Erg soepel is die samenwerking tot nu toe niet verlopen, maar samenwerking is een leerproces; misschien kan het geleerde in de praktijk gebracht worden op weg naar Mars.

Europa is echter niet gewend veel geld aan ruimtevaart uit te geven; het budget van NASA is vijf keer zo groot als dat van de Europese tegenhanger ESA. En de economieen van Japan en Rusland zitten in een diepe crisis..

Kortom, het is een open vraag of er bij de nationale overheden in de nabije toekomst genoeg geld te halen is voor ons doel. De kans kan vergroot worden door het beinvloeden van de publieke opinie. Brede steun vanuit de bevolking is onmisbaar, al was het alleen maar om te voorkomen dat na het planten van een vlag op Mars de geldkraan meteen weer dichtgedraaid wordt, zoals gebeurde met het Apollo-programma. En misschien is de publieke opinie makkelijker te overtuigen als de kosten slechts gedeeltelijk op de belastingbetalers afgewenteld worden. Met andere woorden: wat zijn de andere opties?

Beleggingsfondsen

Over opties gesproken: de hoeveelheid geld die dagelijks verhandeld wordt op de internationale valuta-, optie- en aandelenbeurzen is zo onvoorstelbaar groot dat onze vijftig miljard dollar erbij in het niet valt. In het Internet-tijdperk is zelfs de voorwaarde geschrapt dat een bedrijf winst moet maken. Bedrijven als Amazon en Yahoo waren miljarden waard voor er een cent was verdiend. Een klein deel van die geldzee moeten toch richting Mars kunnen stromen, zou je denken.

Maar de termijn waarop winst verwacht kan worden is , in het geval van een reis naar Mars, lang en onzeker. Een interplanetaire vlucht is nog steeds geen reisje langs de Rijn: een onderneming die zich nu tot doel zou stellen mensen naar Mars te brengen zou daar op zijn vroegst over een jaar of tien in slagen. Voor beleggers is zo'n periode te lang. Voeg daarbij het imago van stagnatie dat de afgelopen dertig jaar de ruimtevaart omgeven heeft en het wordt duidelijk waarom de meeste beleggers het toch nog niet aandurven met een aandeeltje Mars.

Toch zijn er wel plannen om uit deze impasse te komen. ETLD bijvoorbeeld is een Nederlands initiatief. De letters staan voor Extra Terrestrial Life Development, een naam die het concept ondubbelzinnig duidelijk maakt: er is geen leven op Mars, maar als we het willen zal het er vroeg of laat wel zijn. Door enerzijds te beleggen in bedrijven die op de een of andere manier zullen bijdragen aan en/of profiteren van die ontwikkeling en anderzijds wetenschappelijk onderzoek in die richting financieel te ondersteunen zou een sneeuwbaleffect kunnen ontstaan dat als vanzelf tot het doel leidt. Het beginkapitaal kan verkregen worden door uitgifte van aandelen, of door de oprichting van een ideeele bank, naar het voorbeeld van de ASN of de Triodos-bank.

Zoals ook elders in de economie geldt ook hier de wet van vraag en aanbod, van verwachting en investering. Daarom is ook hier de publieke opinie van belang. Alleen de verwachting dat "we" uiteindelijk naar Mars zullen gaan maakt beleggen in ruimtevaart aantrekkelijk……

Sponsoring

Mars - The MissionIn 1999 betaalde het Pizzahut-concern mee aan een Russische vlucht naar het ruimtestation Mir, in ruil voor de plaatsing van het logo op de draagraket. Dit was de eerste financiele bijdrage aan de ruimtevaart door een bedrijf dat verder niets met de sector te maken heeft. Het zal beslist niet de laatste keer zijn.

Slimme reclamebureaus moeten in een bemande reis naar Mars tal van aanleidingen kunnen vinden om producten in de markt te zetten. Het toch al cilindervormige bemanningsverblijf kan zonder veel moeite omgetoverd worden in een Cola-blikje; tijdens de zes maanden op weg naar de planeet heeft de bemanning tijd genoeg voor het opnemen van tientallen reclamespots. En over de woorden die bij de eerste stap op de planeet gesproken worden hoeven we niet lang na te denken: "Just do it!". Uiteraard tegen betaling van een flinke som geld door een bekende Amerikaanse sportschoenenfabriek.

Er gaat erg veel geld om in de internationale reclame wereld. Om wat getallen te noemen: Coca-Cola gaf in 1995 3,8 miljard dollar uit aan reclame en de Olympische Spelen van Sydney werden voor zo'n 700 miljoen uit sponsorgelden betaald. Maar Olympische spelen duren slechts twee weken. Als een bedrijf zijn naam verbindt aan de Eerste Marsexpeditie, sorry, de MacDonald Marsexpeditie, levert dat bijna drie jaar lang media-aandacht op, met tal van hoogtepunten: de voorbereidingen, het vertrek, de landing op Mars, eventuele ontdekkingen, het vertrek, de glorieuze thuiskomst, de daaropvolgende wereldtoernee.

Er is eigenlijk maar een reden waarom grote bedrijven zouden kunnen aarzelen: ruimtevaart is niet zonder risico's. Als de bemanning na een explosie in de brandstoftanks langzaam stikt in een baan om Mars, zal dat de verkoopcijfers van frisdrank of hamburgers niet bepaald omhoogjagen.

Er is dus een bedrijf met enige durf nodig. In een wereld waarin het steeds moeilijker wordt op te vallen met een originele reclameuiting moet het niet onmogelijk zijn zulke bedrijven te vinden. Zou de firma Benetton belangstelling hebben? Een deel van onze vijftig miljard moet uit die hoek kunnen komen. Een deel, dus we hebben nog meer nodig.

Merchandising

Eurocard - MarscardGeorge Lucas moest ooit een deel van zijn eigen salaris inleveren om de eerste Star Wars-film te kunnen maken; hij heeft er geen spijt van gekregen, want in twintig jaar tijd leverde de merchandising zo'n vier miljard dollar op.

Ook de verkoop van Marswaren moet een miljardenopbrengst kunnen genereren. Te denken valt aan miniatuur-ruimteschepen, -astronauten en -rovers, kaarten en globes van Mars, buttons en patches, bumpersstickers en posters, mokken, T-shirts, boeken, een soundtrack en tientallen andere producten.

Wetenschap

SpaceDevSpace Dev is een Amerikaans bedrijfje dat in 1997 een plan wereldkundig maakte voor een Near Earth Asteroid Prospector. Dit ruimtevaartuig zou landen op een "aardscheerder", een asteroide die af en toe angstwekkend dicht in onze buurt komt. De vlucht zou onder andere gefinancierd worden door verkoop van gegevens, aan universiteiten of onderzoeksinstituten, of aan in mijnbouw ter plaatse geinteresseerde bedrijven. Hoewel het budget slechts 50 miljoen dollar is, een duizendste van ons streefbedrag, is dat geld nog steeds niet bij elkaar; de lanceerdatum ligt permanent ongeveer twee jaar in de toekomst. Verwonderlijk is dat niet: universiteiten zwemmen doorgaans niet in het geld en commerciele bedrijven willen graag hun investering snel terugverdienen. Het is dus vrijwel uitgesloten dat een Marsmissie op een dergelijke manier betaald zou kunnen worden; op onze begroting komen die inkomsten waarschijnlijk onder de post "diversen".

Audiovisueel materiaal

Fujicolor - new colors for a new worldOp 4 juli 1997, de dag dat de Pathfinder landde in Ares Valles, bezochten 100 miljoen websurfers de bijbehorende website. In de zes maanden daarna kreeg de site nog eens 700 miljoen bezoekjes. Een enkele banner op die site had, met de toenmalige reclametarieven, zo'n 20 miljoen dollar op kunnen brengen. En als NASA 35 cent toegang had gevraagd was de 266 miljoen dollar kostende missie uit de kosten geweest.

Natuurlijk zou een deel van de bezoekers afhaken, zelfs bij zo'n spotprijsje; toch moet het mogelijk zijn op deze manier een deel van ons financiele gat te vullen. Immers: we ain't seen nothing yet! Het landschap van de Pathfinder-beelden was saai; een vlakte met stenen en twee lage bergjes. Er is op Mars veel meer te zien: bergen van 27 kilometer hoog, ravijnen van 10 kilometer diep, enorme kraters, chaotische landschappen, alles onder een roodbruine hemel. Herkenbaarder, "aardser" dan het desolate Maanlandschap, maar toch onmiskenbaar buitenaards. En vrijwel niets ervan is nog door mensenogen gezien: we hebben alleen satellietopnamen en een paar plaatjes van steenwoestijnen. Op Mars kan blind gefotografeerd worden: ieder plaatje is uniek en daardoor commercieel interessant.

Dat geldt in nog sterkere mate voor filmopnamen. Een film als Titanic bracht in de bioscoop ongeveer een half miljard dollar op. Ook uit een stapel filmmateriaal in tweeenhalf jaar geschoten op exotische locaties als Mars en de weg er naar toe moet een geheide kaskraker samen te stellen zijn. Geavanceerde virtual reality-technieken of IMAX-films kunnen de winst nog verder opjagen. Jammer genoeg gaat de kost een flink eind voor de baat uit: foto's van de planeet komen uiteraard pas als de astronauten er zijn en Mars: the Movie komt natuurlijk niet in de bioscoop voor de afloop bekend is.

Uitzendrechten

Discovery ChannelDe Amerikaanse TV-zender NBC betaalde 705 miljoen dollar voor de uitzendrechten van de Olympische Spelen in Sydney en zal minstens eenzelfde bedrag over hebben voor het exclusieve recht op reportages vanaf Mars. De eerste stap van een mens op een andere planeet zal immers door een record aantal mensen bekeken worden.

Een extremere benadering is ook denkbaar: als in Nederland miljoenen mensen drie maanden lang avond aan avond kijken hoe tien gewone mensen in een noodwoning in Almere uit hun neus zitten te eten, zullen dan wereldwijd niet miljarden TV-kijkers geinteresseerd zijn in het wel en wee van zes pioniers, bezig met het grootste avontuur uit de geschiedenis? Zelfs zonder het nominatiesysteem --in dit geval praktisch moeilijk te realiseren-- moeten de persoonlijke spanningen en vriendschappen tussen de bemanningsleden gesprekstof voor jaren opleveren. De eerste reeks van Big Brother in Nederland leverde alleen aan reclame al twintig miljoen gulden op. Aangezien onze space reality een tien keer zo lange looptijd heeft en een pakweg tweehonderd maal zo groot publiek is de theoretische opbrengst 16 miljard dollar. Dat is bijna een derde van onze begroting. Het is natuurlijk de vraag of we het wel willen, deze veronicanisering van de ruimtevaart, maar er zijn ook minder vergaande varianten mogelijk. In Kim Stanley Robinson's roman Red Mars bijvoorbeeld hanteren de astronauten zelf de camera.

Spin-off

Spin-off is een goed Nederlands woord voor alle technieken en producten, die min of meer onbedoeld vanuit de ruimtevaart in het dagelijks leven terecht gekomen zijn. Een studie van de Universiteit van Wisconsin schatte de totale waarde van die "spin-off" voor de Amerikaanse economie tussen 1959 and 1989 op anderhalf triljoen (zeg maar 1500 miljard) dollar. Het ontwikkelen van de technologie voor Marsreizen zou wel eens een stroom aan patenten op het gebied van waterzuivering, hergebruik, energieproductie en voedselvoorziening kunnen opleveren; allemaal zaken waarvan de efficientie zich tijdens een Marsreis meteen terugverdient. De totale waarde van die spin-off moet het bovengenoemde bedrag kunnen evenaren. Daarvan zal waarschijnlijk maar een klein deel terugvloeien naar het project, maar zelfs drie procent is al genoeg. Dat geld komt echter pas op de lange termijn binnen ; we hebben er nu vrij weinig aan, maar er kan wel een potje van gevormd worden voor vervolgexpedities en permanente nederzettingen.

Donaties

Pepsi - the choice of a new world

Als ieder Aardbewoner nou gewoon even twintig gulden dokt komen we er ook. Het probleem is dat niet iedere wereldburger zelfs maar dat bedrag als maandsalaris heeft. Laten we ervan uitgaan dat ongeveer een half miljard mensen wel een zekere mate van welstand heeft. Hoe groot onder die groep de steun is voor bemande ruimtevaart is moeilijk te zeggen; een opiniepeiling uitgevoerd in opdracht van space.com wees medio 2000 uit dat maar liefst 43 procent van alle Amerikanen voorstander was van een bemande Marsmissie.

Laten we echter een beetje pessimistisch blijven en stellen dat slechts tien procent van die relatief welvarende groep overtuigd is van het nut van de onderneming. En dat daarvan slechts tien procent die overtuiging wil vormgeven door een eenmalige schenking van, zeg, vijfhonderd gulden (in ruil voor iets symbolisch als plaatsing van de naam van de gever op een op Mars achter te laten CD-rom) Dan zouden vijf miljoen mensen samen een miljard dollar kunnen bijdragen. Daarmee komen we er niet, maar het is een interessante bijdrage.

Er zijn echter ook mensen die niet zomaar welvarend zijn, maar ronduit rijk. Op de bekende lijst van het weekblad Forbes staan meer dan 300 mensen die een vermogen hebben van meer dan een miljard dollar; samen zouden ze makkelijk een Marsreis kunnen financieren zonder er een boterham minder door te hoeven eten. De Quote 500, de lijst met de rijkste Nederlanders, is bij elkaar opgeteld rond de 90 miljard euro waard; een bemande Marsmissie zou dus in theorie geheel door Nederlanders gefinancierd kunnen worden....

Toerisme

Microsoft - where do you want to go tomorrow?Wanneer de bovengenoemde miljardairs voor een eventuele gulle gift een tegenprestatie verlangen, kan in het uiterste geval natuurlijk gedacht worden aan een plekje aan boord, een retourtje Mars. Daar zal dan wel een fiks bedrag tegenover moeten staan. Zowel Mars Direct als de NASA Reference Mission gaan uit van een bemanning van zes personen. Als daar niet minstens een geoloog en een (astro)bioloog bij zit is de hele onderneming natuurlijk een lachertje. Een arts, en een piloot zijn ook onmisbaar. Twee van elk specialisme zou erg prettig zijn. Een betalende passagier zonder bijzondere kwaliteiten is de expeditie alleen tot last. Dit nog afgezien van de vraag of iemand lichamelijk en geestelijk tot het maken van zo'n reis in staat is. Met andere woorden: tenzij Bill Gates met goed gevolg een studie medicijnen afrondt, een geboren piloot blijkt te zijn of zich ontwikkeld tot erkend Mars-deskundige, zal zelfs hij zich geen plaatsje aan boord kunnen kopen.

Een andere mogelijkheid is wat realistischer: als bijvoorbeeld een grote mediaonderneming als CNN een verslaggever mee wil sturen, is daarover te praten, op voorwaarde dat er gezocht wordt naar een persoon die een goede aanvulling is op het team.

Souvenirs

De science-fiction roman "Return to Mars" van Ben Bova, gaat over een met prive-kapitaal gefinancierde expeditie naar de Rode Planeet. Behalve door de thuisblijvers tegen betaling deelgenoot te maken met behulp van virtual reality, is er nog een manier waarmee de expeditie zichzelf bedruipt: twee astronauten rijden met hun rover naar Ares Vallis, de landingsplaats van de Pathfinder. Het ruimteschip wordt samen met het beroemde karretje Sojourner ingeladen om thuis voor een mooi prijsje verkocht te worden aan een museum.

Maar hoe zit het dan met de eigendomsrechten? Is niet NASA de rechtmatige eigenaar van dit stukje hardware? NASA zou dus op zijn minst mede-organisator van de reis moeten zijn. Er zijn overigens ook nog twee Vikings, een Spirit en een Opportunity en een Russische lander uit de jaren 70 op te halen, en verder wat schroot van een aantal mislukte landingen. Maar de bergingskosten zijn waarschijnlijk hoger dan de te verwachten opbrengst. En dan zijn er de ethische vraagtekens. Mag zo'n historische plaats wel bezoedeld worden voor een paar grijpstuivers? Een toekomstige regering van Mars zal zich in ieder geval net zo sterk maken voor teruggave van de Pathfinder als de Griekse regering voor terugkeer van de door Engeland geroofde Elgin Marbles.

Andere souvenirs kunnen echter zonder gewetensvroeging verkocht worden voor wat de gek er voor geeft: stenen, daarvan heeft de planeet er genoeg. En als stukjes doodnormaal beton al grif van de hand gaan als er een label "Berlijnse muur" aan gehangen wordt, moet een steentje van een andere planeet, honderd miljoen kilometer ver weg, toch ook op menig salontafeltje kunnen prijken. Uiteraard kan slechts een zeer beperkte hoeveelheid Marskiezels op de markt gegooid worden; iedere kilo die het retourvoertuig mee naar de aarde moet nemen is er een. Maar juist deze noodzakelijke schaarste zal de prijs flink opdrijven.

Begroting

Met gebruik van veel natte vingers leidt het bovenstaande verhaal tot de volgende begroting, waarbij  prive-kapitaal en de publieke sector ieder de helft voor hun rekening nemen:

Overheidsgeld 25 miljard
-Verenigde Staten 15 miljard
-Europa 5 miljard
-Rusland 2 miljard
-Japan 3 miljard
Prive-kapitaal 25 miljard
-Aandelen 4 miljard
-Sponsoring 3 miljard
-Merchanding 4 miljard
-Foto's, films. virtual reality 1 miljard
-Uitzendrechten, Space Reality 10 miljard
-Donaties 1 miljard
-Souvenirs 1 miljard
-Diversen 1 miljard
-------------
Totaal 50 miljard

De conclusie zou kunnen zijn dat het met wat fantasie,lef, en doorzettingsvermogen mogelijk moet zijn het geld voor de historischemissie bij elkaar te krijgen. Maar wie gaat dat doen? NASA is geen reclamebureau,ESA is geen Endemol. Er moet dus een organisatievorm gevonden worden om allefinancieringsmethoden met elkaar te integreren. Ook daar is al aan gedacht;zo is er bijvoorbeeldThinkMars, opgerichtdoor studenten van Harvard University en Massachussets Institute of Technology(MIT) Hun ideaalbedrijf heeft een technische afdeling die de expeditievoorbereidt en uitvoert en een marketingdivisie die geld binnenhaalt. NASA en andere organisaties kunnen "stoelen" huren op de uiteindelijke missie.

ThinkMars - the business of MarsOf zo'n concept realistisch is zal de komende jarenmoeten blijken. Maar er is iets wat edereen, ongeacht zijn budget, nu alkan doen om de kans van slagen te vergroten. En dat is meedoen met hetbeinvloeden van de publieke opinie. Want of het geld voor Mars nu bij elkaargebracht gaat worden uit belastinggeld, door merchandising, door sponsoring,door Big Brother in Space, door gulle gevers of door een van de andere genoemdemogelijkheden, bemand Marsonderzoek is alleen mogelijk met steun van hetgrote publiek. Hier ligt een mooie taak….