nummer 12 - 1 november 2000
Nasa's
Marsplannen
Na een half jaar
brainstormen maakte NASA op 26 oktober haar Marsplannen voor de komende twintig
jaar bekend. Na de dubbele mislukking, eind vorig jaar, van de Climate Orbiter
en de Polar Lander, was besloten tot een ingrijpende heroverweging van het
bestaande Mars-programma. Volgens dat oude plan zou iedere twee jaar een
orbiter en een lander naar de Rode Planeet gestuurd zou worden, met als
hoogtepunt een sample return-missie, die tegen het eind van het decennium
grondmonsters naar de Aarde zou brengen.
De reorganisatie heeft een programma opgeleverd
dat op zich niet minder ambitieus is, maar dat wel wat andere accenten
legt.
Voor 2001 (de Odyssey-satelliet) en 2003 (de
tweeling-rovers) stonden de plannen al vast. In 2005 zullen deze projecten
gevolgd worden door de Reconnaissance Orbiter, een satelliet die liefkozend
wordt omschreven als "een microscoop in een omloopbaan". De satelliet zal
delen van Mars fotograferen met een resolutie van twintig centimeter, een
verbetering met ongeveer een factor tien ten opzichte van de toch ook al
succesvolle Global Surveyor. Op deze foto's zullen dus stenen ter grootte
van een voetbal zichtbaar zijn, of kan zelfs het legendarische karretje van
de Pathfinder worden waargenomen.
Voor latere jaren staan de plannen minder vast.
In 2007 zal er mogelijk opnieuw een rover op Mars landen; NASA spreekt zelfs
van een mobiel laboratorium. Rond die tijd moet het ook mogelijk zijn
landingsplaatsen uit te kiezen met een veel grotere nauwkeurigheid. Voor
de Pathfinder werd in 1997 uitgegaan van een ellipsvormig landingsgebied
van honderd bij driehonderd kilometer. Over zeven jaar hoopt men de precisie
met een factor honderd vergroot te hebben; de landingsplaats zal dan tot
op enkele kilometers nauwkeurig kunnen worden uitgekozen. Daarmee komen de
echt interessante plekken, zoals kloven, kraters en gebergten, binnen
bereik.
In 2007 zal ook de eerste Scout-missie gelanceerd
worden (bij de naamgeving laat NASA zich wederom inspireren door de
padvinderij
) Scout-missies vinden plaats met kleine landers, vliegtuigen
of ballonnen, waardoor het aantal bezochte plaatsen flink uitgebreid kan
worden.
Op zijn vroegst in 2011 staat de eerste
sample-return-missie op het programma (suggesties voor een betere Nederlandse
term dan "monsterterugbrengvlucht" zijn welkom.) Verder zal het in het tweede
decennium van deze eeuw mogelijk worden diepe grondboringen uit te voeren
en zal het oppervlak van de planeet onderzocht worden met
miniatuur-instrumenten.
Helaas is er in de plannen nog geen sprake van
bemande expedities. Een slecht teken is de verschuiving van een aantal relevante
projecten van 2001 naar 2007: de experimenten met de winning van zuurstof
uit de atmosfeer en het onderzoek naar de gevaren van straling en stof. Officieel
valt het onderwerp dan ook buiten dit programma, dat nadrukkelijk gepresenteerd
wordt als de strategie voor onbemand onderzoek. En aangezien er een aantal
fervente tegenstanders van bemande ruimtevaart op prominente posities zitten
moet NASA voorzichtig zijn. Met de sample return niet eerder dan 2011, en
mogelijk pas in 2014, lijkt een bemande vlucht er niet in te zitten voor
2019, de vijftigste verjaardag van de eerste maanlanding. Tegelijkertijd
wordt echter gesteld dat bepaalde studies en technieken het hele programma
aanzienlijk zouden kunnen versnellen. Als bijvoorbeeld water dicht bij de
oppervlakte gevonden wordt maakt dat bemande missies een stuk
eenvoudiger.
De komende anderhalf jaar zal een vervolgstudie
de verschillende plannen verder uitwerken, om een beter beeld te krijgen
van de benodigde technologie en het benodigde geld.
Frankrijk en Italie
doen mee
In de plannen van NASA wordt ook vermeld dat een
aantal landen, met name Frankrijk en Italië, belangstelling heeft voor
samenwerking. Het Franse ministerie had daar op 24 oktober ook al een persbericht
over rondgestuurd. 2007 wordt een belangrijk jaar; NASA wil dan samen met
Italië een communicatiesatelliet en samen met haar Franse tegenhanger
CNES een compleet netwerk van kleine landers naar Mars sturen. Voor 2009
is een soort opvolger voor de Mars Express van 2003 gepland als gemeenschappelijk
Amerikaans-Italiaans project. En verder is sprake van het gebruik van de
Ariane 5-raket om de vracht voor Mars de ruimte in te krijgen.
Wat dit alles betekent voor de Europese samenwerking
is nog onduidelijk. Tot nu toe konden nationale ambities vaak binnen het
kader van de ESA nagestreefd worden. Zo is de Beagle, de Marslander voor
2003, een grotendeels Engels project dat meelift met de gezamenlijke Europese
Mars Express.
De Mars Society kwam
naar je toe
Op zondag 8 oktober waren we voor het eerst echt
actief buiten cyberspace en medialand. In het kader van de Europese
wetenschapsweek organiseerde de Universiteit van Amsterdam een open dag;
wij stonden met ons kraampje bij het Sterrenkundig Instituut van de Universiteit
in het Science Park in de Watergraafsmeer. We hadden het bijzonder getroffen
met het weer: de hardnekkige regenval dreef de bezoekers in groten getale
naar binnenactiviteiten als deze. Bij ons standje konden ze onder andere
video's, boeken en een Powerpoint-presentatie bekijken.
We kregen erg veel bezoek van kinderen, die vooral
geinteresseerd waren in onze Mars-strandballen. En de kinderen van nu hebben
tenslotte een veel grotere kans ooit op de Rode Planeet rond te zullen lopen
dan de twintigers, dertigers en veertigers waaruit Mars Society Nederland
nu grotendeels bestaat.
Op vrijdag 17 november willen we bij elkaar komen
in Utrecht, maar dan zonder kraampje. Om acht uur verzamelen we op het station.
Stuur even een mailtje naar fransGEENSPAMmarssociety.nl
(vervang zelf GEENSPAM door @ ) als je ook wilt komen.
Geld speelt een
rol
Onze website is de afgelopen maand uitgebreid met
een pagina over
geld. Immers,
de barrières op de weg naar Mars zijn niet zozeer technisch, als wel
financieel van karakter. Met deze geldpagina willen we het "streefbedrag"
van vijftig miljard in een perspectief plaatsen. Een elftal
financieringsmogelijkheden wordt getoetst op hun haalbaarheid en verwerkt
in een voorlopige begroting. De pagina is opgefleurd met fake-advertenties,
waarmee we een voorschot nemen op sponsoring in Olympische stijl.
Overmars, onze wetenswaardighedenpagina speciaal gericht
op middelbare scholieren die zwoegen op hun ANW-werkstuk, werd uitgebreid
met hoofdstukjes over het weer op Mars en over het beruchte Gezicht in Cydonia.
Overmars is te vinden op
Terraforming
serieus genomen
Terraforming, het geschikt maken van onherbergzame
planeten voor menselijke bewoning, is ooit bedacht door sciencefictionschrijvers;
Olaf Stapleton was in 1930 de eerste. Vanaf de jaren zestig gingen steeds
meer wetenschappers van naam zich met het onderwerp bemoeien: Carl Sagan,
Freeman Dyson en James Lovelock, om er een paar te noemen. Langzaam lijkt
het concept door te dringen in andere delen van de samenleving: NASA's Ames
Research Center organiseerde op 11 en 12 oktober een conferentie over het
onderwerp die vrij brede aandacht kreeg in de media.
Op de conferentie, onder het motto "de natuurkunde
en de biologie van het bewoonbaar maken van Mars", waren alle grote namen
op dit gebied aanwezig: Chris McKay, Martyn Fogg, Robert Zubrin, Kim Stanley
Robinson.
Er lijkt een vrij grote overeenstemming te bestaan
over de manier waarop Mars geterraformd kan worden en over de tijd die daar
voor nodig is. Door een betrekkelijk geringe hoeveelheid broeikasgassen in
de Marsiaanse atmosfeer te pompen kan een kettingreactie op gang worden gebracht.
In een eeuw tijd zou de planeet daardoor een Noord-Europees klimaat kunnen
krijgen. Er is meer tijd nodig voor het omzetten van de dan gevormde dichte
kooldioxide atmosfeer in iets wat mensen kunnen inademen. Veel meer tijd
zelfs, misschien wel honderdduizend jaar.
Daar staat tegenover dat sommige aardbewoners het
nu al zonder hulpmiddelen op Mars kunnen uithouden. Bepaalde bacteriën
en algen uit extreme Aardse milieus als woestijnen en poolgebieden zouden
het zelfs op dit moment erg naar hun zin hebben op de Rode Planeet, en de
weg kunnen bereiden voor meer complexe levensvormen. Sommige wetenschappers,
zoals Charlie Cockell van de British Antarctic Survey, stelden zelfs voor
meteen te beginnen met het uitzaaien van zulke bacteriën in een beperkt
gebied op de planeet. De vraag is natuurlijk in hoeverre die Aardse kolonisten
tot een klein gebied beperkt kunnen worden. Meer informatie over terraforming
is te vinden op onze
terraforming-pagina.
Sonde in de
schuur
Nadat in december de Polar Lander neerstortte,
waarschijnlijk omdat een software-fout de motoren te vroeg uitschakelde,
kreeg NASA heel wat kritiek te verduren. Een van de beslissingen waarmee
de ruimtevaartorganisatie wilde laten zien die kritiek serieus te nemen was
het afgelasten van de voor 2001 geplande lander. Die sonde is namelijk in
een groot aantal opzichten identiek aan de Polar Lander.
Hoewel in tactisch opzicht begrijpelijk heeft de
vliegangst van NASA ook wat irreële trekjes. De 2001-lander heeft 150
miljoen dollar gekost, is uitgebreid getest en Marswaardig bevonden. En er
is tijd genoeg om een herhaling van de bovengenoemde software-fout te voorkomen.
Toch staat het ruimtevaartuig nu nutteloos in een schuur bij fabrikant Lockheed.
Waarschijnlijk worden er wat nuttige onderdelen uitgesloopt om elders hergebruikt
te worden en komt de rest ooit nog wel eens in een museum terecht.
Maar niet iedereen heeft het zusje van de Polar
Lander opgegeven.
savethemarslander.org
doet een dappere poging het ruimtevaartuig toch naar zijn bestemming te krijgen.
Op de site wordt het hele verhaal van de lander verteld en kunnen bezoekers
een petitie tekenen. Als de actie succes heeft zal de lancering echter niet
voor 2003 plaatsvinden, want de oorspronkelijke datum, april 2001, komt wel
erg dichtbij.
Filmnieuws: Red
Planet
Er is een nieuwe Marsfilm op komst. Op 10 november
gaat in de Verenigde Staten een Hollywood-productie in premiere met als
verrassende titel "Red Planet" en in de hoofdrollen Val Kilmer en Carrie-Anne
Moss. Het verhaal: in 2050 is de aarde er belabberd aan toe; een team astronauten
gaat naar Mars om de kolonisatie van de planeet voor te bereiden. Er gaat
iets mis tijdens het "aerobraken" (het afremmen van het ruimteschip in de
atmosfeer) en de astronauten stranden op Mars met een beperkte zuurstofvoorraad.
Alleen het vinden van de eerder gelanceerde Hab1 kan redding brengen.
De Mars Society-afdeling van CalTech, de TU van
Californie, mocht bij een voorvertoning zijn; hun
indrukken
zijn te lezen op de website van die afdeling. Kort samengevat: "a
fun sci-fi movie, maar verwacht geen wetenschappelijk verantwoord verhaal".
De officiële
website van de film doet al zoiets vermoeden. Volgens de Nederlandse
distributeur Warner Bros komt "Red Planet" pas op 15 februari in de Nederlandse
bioscopen, maar na het geschuif met de premiere van "Mission to Mars" vertrouwen
we niemand meer
The Martian Race
- Gregory Benford
Gregory Benford heeft een indrukwekkend curriculum
vitae. Hij is schrijver van een groot aantal sciencefiction-romans, winnaar
van prijzen als de Nebula- en Campbell Awards en zelfs van een literatuurprijs
van de Verenigde Naties. Maar hij is ook hoogleraar natuurkunde aan de
Universiteit van Californie, en adviseur van de NASA, het Witte Huis en het
Amerikaanse ministerie van Energie. En sinds de oprichting in 1998 maakt
hij ook deel uit van het Steering Committee van de Mars Society. Gezien die
laatste functie is het natuurlijk niet verwonderlijk dat ook hij een bijdrage
heeft geleverd aan de stroom Marsboeken van de afgelopen jaren. The Martian
Race is vrij recent; de eerste druk is nog geen jaar oud. Het verhaal speelt
in de niet al te verre toekomst, in 2018, om precies te zijn. De regeringen
van een aantal industrielanden hebben, onder leiding van de Verenigde Staten,
een prijs uitgeloofd van 30 miljard dollar voor het eerste team astronauten
dat op Mars een aantal vastgelegde wetenschappelijke onderzoeken uitvoert.
Op het eerste gezicht lijkt dat een absurd idee, maar het uitloven van prijzen
voor gedurfde ondernemingen heeft een lange geschiedenis. De Portugezen deden
het al in de vijftiende eeuw, in de twintigste eeuw werden door het uitloven
van prijzen een paar luchtvaartmijlpalen bespoedigd, en op dit moment is
er de X-prize voor de eerste herbruikbare raket die binnen twee weken drie
passagiers in de ruimte brengt.
In The Martian Race gaat de strijd tussen een
Amerikaans consortium, met wat Russische inbreng, en een Europees-Chinese
combinatie. De Amerikanen voeren in feite het Mars Direct-plan uit van Robert
Zubrin, die een klein gastrolletje heeft in het boek. De Euro-Chinezen wagen
het met nucleaire technologie. De competitie tussen de twee organisaties
plaatst het Marsonderzoek in het middelpunt van de belangstelling van de
Aardse media. Ook het verhaal heeft baat bij het wedstrijdelement; het onderzoek
zelf echter heeft er wel wat onder te lijden.
De ontwikkelingen worden gezien vanuit het perspectief
van Julia Barth, de enige vrouw in het Amerikaanse team. Vrouwen zijn de
laatste jaren aan een opvallende, en wat ons betreft ook verheugende,
inhaalmanoevre bezig. Nadat de verovering van de ruimte decennialang ook
in de sciencefiction een mannenzaak was, kiezen steeds meer schrijvers voor
vrouwelijke hoofdpersonen.
Van alle Marsromans is The Martian Race wel het
meest gebaseerd op hedendaagse technologie en dat is een van de fascinerende
kanten van het boek: het dagelijks leven in en om de "hab" wordt zo levendig
beschreven dat de lezer het gevoel krijgt er zelf bij te zijn.
Boeiend zijn ook de speculaties over een complexere
vorm van leven dan de microben die doorgaans als het meest waarschijnlijk
worden beschouwd. Tegelijkertijd vereist de wetenschappelijke uitleg over
deze onderwerpen bij de lezer wel een zekere basiskennis.
Door allerlei onverwachte ontwikkelingen blijft
het tot het einde toe spannend wie de race zal winnen. En om de pret niet
te bederven verklappen we hier de afloop niet
.
Voorwaarts Mars! - de maandelijkse
nieuwsbrief van Mars
Society Nederland
gratis
abonnement